Overslaan en naar de inhoud gaan

Auteur: Mink Out

Kinderloos. Minks wekelijkse column 7-7-2021

Kinderloos. Minks wekelijkse column 7-7-2021
 
Ze hadden een heel bijzondere trouwdag. Niet gewoon zoals anderen, neen écht apart, daar hadden ze wel voor gezorgd.
Een mooi huis met alles er op en er aan. In een lommerrijke buurt met huizen zo mooi dat ze leken op luchtkastelen, maar dan echt.
Aan geld geen gebrek. Ze werkten beiden als arts. In de garage stonden twee vette auto’s, gewoon omdat het kon. Vakanties naar verre oorden konden hun honger naar vermaak niet meer stillen.
Hun beider inloopkasten waren uitsluitend gevuld met merkkleding.
Elke outfit had bijpassende schoenen en accessoires. Ze leefden in een ware vetwei.
 
Ondanks deze enorme luxe was er toch een gevoel van onbehagen.
Ze hadden het geaccepteerd, over kinderen krijgen moesten ze zwijgen.
Maar toch, zo nu en dan knaagde het gevoel bij Toos aardig door.
Tot op de dag dat Toos met Roos brak, omdat ze plots ook op mannen bleek te vallen. Aangenaam, Koos om maar in o klanken te blijven hangen.
Toos werd zwanger en baarde een wolk van een jongen gedoopt Moos;-). Roos werd krankzinnig en vertoonde plots extreem vreemd gedrag.
Nadat ze een aantal kinderen, die ze uit wandelwagentjes had gegrist, aan haar borst had gedrukt werd ze opgenomen in de gesloten afdeling van het van het katholiek rusthuis Maria Onbevlekt Ontvangen.
 
Na jaren van intensieve behandeling woonde ze in het dorp verderop.
Ze kocht een pop en droeg die kloekentrots in een draagdoek voorop.
Ze was nog wel niet helemaal ‘honderd’ en zou dat ook nimmer meer worden, maar daarentegen vormde ze geen gevaar voor haar omgeving.
Vrolijk fietsend zong ze dagelijks met luide stem ‘Slaap kindje slaap’.
De dorpsjeugd, in strakke broek met bebophaar, riepen Roos joelend na.
Dat kon de Heilige Stoel niet op zich laten zitten en ging er voor staan.
Vanaf de kansel werd om begrip gebeden en het uitjouwen was verleden.
De dorpsbewoners waren, na verloop van tijd, gewend aan Roos met dat zoete kind en lieten haar in die waan. Babykleertjes en meer van wat men zoal geeft aan een moeder met pasgeboren kind werden gedoneerd.
 
De pop wordt ooit dorpserfgoed en ze zullen Roos nog missen als ze op een zeker moment heen zal gaan………………. kinderloos.
 
Tekst: Mink Out. Bundel verkrijgbaar: www.conckshop.nl
1922 De rouwende vrouw. Jean-Pierre Laurens, French (1875-1932).

Je hebt van die mensen. Minks wekelijkse column 30-6-2021

Je hebt van die mensen. Minks wekelijkse column 30-6-2021
 
 
In mijn niet te blussen hebzucht naar kennis jaag ik mezelf naar de verste uithoeken van het internet.
Het spectrum is breed, oogstrelende kunst, harten stelende dieren, muziek, verleden, heden en ga zo maar door. Ik vreet alles tot een hevig knikkebollen mij ‘helaas’ te bedde dwingt.
 
Laatst zat ik in de hoek van de petities. Een onderdaan, van een land ver van hier en de democratie vandaan, had zich uitgesproken.
Dat uitspreken op zich is geen probleem, tenzij het ten nadele is van het voordeel der machthebbers, dat komt je dan duur te staan.
De onderdaan zat nu al jaren geboeid te brommen in een kille kerker.
Of de lezer de petitie voor zijn vrijlating wilde steunen met slechts één enkele digitale handeling. Weet je wat, het is een goed streven, ik doe het gewoon. Een vakantie naar het land van Mao zat er toch al niet in. En enkel de aanblik van die ‘eindeloze’ Chinese muur doet bij mij het zweet al uitbreken.
 
 
De volgende dag een mail van dezelfde petitiesite.
Of ik nog een petitie wilde steunen. Dit keer voor een vrouw, die ook haar mond niet kon houden.
Democratie ok, maar het moest wel leuk blijven en vrijwillig. Zwaar in twijfel maar toch mijn poot strak gehouden. Ik laat me niet manipuleren en voor je het weet is het een repeterende dagtaak.
Hetzelfde als je 1 x aan een goed doel doet. Ze blijven je lastigvallen. Tuurlijk moeten we mensen van een mindere god helpen, maar ik bepaal zelf graag wanneer ik daar zin in heb.
 
 
Nou zag ik laatst een criticus van Poetin, Aleksej Navalny, na zijn herstel van een vergiftiging gewoon in een vliegtuig naar huis gaan.
Hoog in de wolken wist hij dat hem een arrestatie en een lange gevangenisstraf boven het hoofd hing, maar hij ging toch.
Wat een enorme held zeg die kerel, legt gewoon zijn vrijheid in de waagschaal om democratie af te dwingen, terwijl ik een zeikende petitie al vrijheidsbedreigend vind. Ja, je hebt van die mensen.
 
 
Tekst: Mink Out. Bundel verkrijgbaar: www.conckshop.nl
1888 Grimaces et miserè. Fernand Pelez (1848-1913). Olie op doek.

Kappen met kapjes. Minks wekelijkse column 23-6-2021

Kappen met kapjes. Minks wekelijkse column 23-6-2021
 
Luidruchtig niezen is een van onze familie-eigenaardigheden.
Een ongecontroleerd rondsproeien van bacteriën als gevolg.
Deze explosieve uitstoot van lucht en lichaamssappen is een reactie, die zich vaak voordoet wanneer een maaltijd genuttigd is.
Ooit, op het veilig nest van de Ouden Neel, was het geen punt wanneer eenieder meerdere malen ‘stoom’ afblies, we waren het immers gewend.
Neen, het werd pas een dingetje als vriendjes en vriendinnetjes meeaten.
Ze keken raar, zelfs geschokt, wanneer we beurtelings met dicht geknepen ogen en een flubberende tong de salvo’s door het huis lieten galmen.
We hebben met deze lastige last leren leven, wat moet je anders.
 
Na mijn ontbijt bij Florencia doe ik regelmatig de boodschappen bij Appie.
Zo ook onlangs, met mondkapje, door het diep en breed assortiment.
Bij de zelfscankassa gaf een gluiperig gekriebel in mijn neus aan dat er wellicht een verwoestende niesexplosie aankwam, zekerheid is er nooit.
Deze zette door, kon hem niet meer in houden, maar ja met dat mondkapje voor zou het een kleffe bedoening worden.
Met een ruk trok ik het naar benee en mikte de uitstoot richting de vloer.
Door het hoge hoestvolume keek de AH clientèle geschokt mijn kant op.
Een ‘fantastische’ vrouw begon te morren over corona en de kapjesplicht.
 
Met handen te kort, het kapje (nog) leeg, scande ik de vleestomaten.
Een nieuwe nies diende zich, gelijk met een bonuskorting, aan. Pasje uit de zak voor de scan. Kapje weer met een ruk af: hatsjoe. Nu werd men wel heel erg onvriendelijk, alsof met de entree van ‘Cor’ gewoon niezen was afgeschaft.
Weer kwam er een salvo aan. 75 cent korting op de oranjetompoezen pikaan. Nu de pinpas op het apparaat en dan snel weg van de pek en veren.
Ik haat die kassachaos, je moet alles in de gaten houden en…. hatsjoe.
Deze overviel me, te laat, kapje vol, naar buiten, gooi hem in de afvalbak. Het was mijn lievelingskapje (nooit gedacht dat ik er ooit een zou hebben), een zwarte, XL. Snuit mijn neus in wat servetten, opgelucht, tis klaar.
 
Terwijl ik de boodschappen in mijn motortas prop loopt de ‘fantastische’ vrouw met een wantrouwige melaatsheidsblik op 1,5 meter achter me langs.
Ik groet haar, zij mij niet. Wordt wellicht tijd om te kappen met die kapjes.
 
Tekst: Mink Out. Bundel verkrijgbaar: www.conckshop.nl
 
1892 Laundry Drying, Petit Gennevilliers. Gustave Caillebotte (French painter) 1848 – 1894.

Moorddadig griezelverhaal (2). Minks wekelijkse column 16-6-21

Moorddadig griezelverhaal (2). Minks wekelijkse column 16-6-21
 
 
Tis niks dat die bully zo groot was of is, maar het grafdelven begon aardig wat tijd op te slokken.
Het stopte met regenen. Ik wiste het water en het zweet van mijn gelaat en vond, ondanks dit lugubere tafereel, rust in mij opkomen.
Zittend op een omgevallen boom probeerde ik hiervan te genieten.
Wellicht was u ook eens deelgenoot van een vroege morgen als deze.
Zonder te begraven lijk weliswaar. We focussen gewoon ff op het mooie.
Duiven koeren, in de verte klinkt een koekoek. Een bonte specht klopboort driftig zijn eigen huis, hoge bomen en de stromende Maas ruisen, prachtig.
Zo’n slechte laatste rustplaats was dit dan toch ook weer niet. Beetje een premature rustplaats misschien. In ieder geval hoefde je er hier na 5 jaar niet meer uit om plaats te maken voor een ander zoals in de Randstad.
Ieder nadeel heeft dan toch ook weer zo zijn voordeel………
 
 
De serene rust wordt bruut verstoord door een overvliegende helikopter. Hij blijft boven me hangen, door de turbulentie vliegt er veel in het rond. Het bobbeltjes plastic waait open en daar ligt Bertus Bully zichtbaar met mijn duimafdrukken nog steeds in zijn hals, mond en ogen wijd open.
Een grimas die wellicht de verontwaardiging toont dat deze luxe rustplek in ongewijde grond, met de finish in zicht, nog aan zijn neus voorbij gaat.
 
 
Om in Belgische sferen te blijven: de wentelwiek zwenkt en verdwijnt.
Bij het wegsterven van het motorgeronk merk ik het geblaf van naderende honden op, dat belooft niet veel goeds, de paniek slaat toe, wat zal ik doen.
Veder graven heeft geen zin meer, dat ga ik nooit meer redden.
Ineens sta ik oog in oog met twee grommende herdershonden die, aan de van het kwijl druipende tanden te zien, geenszins uit een dagboek komen.
Maaiend met de schep kan ik ze op afstand houden maar voor hoelang?
Een stem vanuit het kreupelhout gebiedt me op mijn buik te gaan liggen met de handen op het achterhoofd. Omsingeld, de honden bespringen me, klaar.
Met mijn gezicht in de modder is ademen ook niet al te makkelijk, of is het de apneu die me wakker smoort, ben plots in mijn eigenste slaapkamer.
 
 
Zal morgen toch maar eens een goed gesprek met die Bertus Bully hebben.
Zo’n dagmerrie;-) is niet voor niets. Tijd voor actie, nooit te laat, nog niet.
Dit moorddadig griezelverhaal voor het eggie? Dat gaan we niet meemaken.
 
Tekst: Mink Out. Bundel nu verkrijgbaar: www.conckshop.nl
 

Moorddadig griezelverhaal (1). Minks wekelijkse column 9-6-21

Moorddadig griezelverhaal (1). Minks wekelijkse column 9-6-21
 
Ik ben een vredelievend man, doe geen vlieg kwaad.
Toegegeven, mijn horecaloopbaan is niet geheel zonder slag of stoot verlopen maar in zo’n geval liet de ander me ook geen keus.
Blijkbaar zijn er mensen op uit om de cafebaas zover te krijgen.
Een soort van terug naar het schoolplein wie de sterkste is.
Als ervaren caférot ben ik nu wijs genoeg dit anders op te lossen.
 
Had hem in van dat bobbeltjesplastic gerold. Maanden geleden gekocht om mijn olijfbomen tegen de strenge vorst te beschermen.
Veel te grote rol maar dat kwam nu goed uit voor deze reuzenbullie.
Den Ouden Neels invalidenkoets achteruit tegen de cafédeur.
Onder dekking van het duister reed ik hem er met de rolstoel in en legde hem plat op de grond. Hij gaf niet echt mee maar wat wil je.
In het holst van de nacht zette ik koers naar de Ardennen.
Ondanks dat hij op zeker dood was, keek ik tijdens het rijden steeds in mijn achteruitkijkspiegel of hij toch niet ineens achter me stond.
 
Ken de streek rond Dinant op mijn duimpje. Daar kon ik hem mooi wegmoffelen. Luguber klusje, maar ik had A gezegd dus moest B ook.
Langs de Maas via het karrespoor door de groeve kon met de auto.
Dan weer in de rolstoel en met de schep op zijn schoot het wandelpad af dat doodliep tegen een in het water uitstekende rotspunt.
Het was hier aardedonker en griezelig eng, te bedenken dat ik dadelijk weer alleen terug moest was ook geen fijn vooruitzicht.
Een moordenaar is uiteindelijk ook maar mens. Met moeite kon ik zijn lichaam in het karretje houden, dat ik ook nog voort moest duwen.
 
Onder water rond de rotspunt liep een betonnen richel om de koeien in de lente naar een verderop gelegen grasland te verplaatsen.
Wadend door het inktzwarte nat ging ik, hem levensloos achter me aanslepend, over de richel naar het bos achter de rotspunt.
Tussen de spleten van het bladerdak door besloop het dageraad ons.
Ik stak mijn schep in de met rijp bedekte mosgrond en begon te graven. Flarden ochtendmist hingen als kwelgeesten tussen de bomen.
Het begon te regenen, telkens als ik stopte met graven hoorde je de druppels op het bobbeltjesplastic uiteen spatten (wordt vervolgd).
 
Tekst: Mink Out. Bundel verkrijgbaar: www.conckshop.nl
 
1962 L’École Buissonnière (Hacienda Novillos). Remedios Varo (Spanish-Mexican painter) 1908 – 1963.

Carrièremove. Minks wekelijkse column 2-6-2021

Carrièremove. Minks wekelijkse column 2-6-2021
 
Joop was een horecajongen. Nooit voor geleerd of zo, gewoon d’r in gerold. Het begon met een plafonnetje witten voor de restauranthouder waar hij een bovenetage huurde.
Daarna nog meer klusjes. Het verdiende best en nog zwart ook.
Op een dag was de kok ziek en in een mum stond hij de biefstukken in de pan te flikkeren, ook daar bleek Joop een handige donder in.
 
Zoals het een goede kok betaamd werd er na het koken nog even een drankje genuttigd, gevolgd door een stapsessie langs diverse lokalen. Dat Joop, geen kleine jongen, bij schermutselingen zijn horecacollega’s graag en doeltreffend te hulp schoot bleef zeker niet onopgemerkt, hetgeen resulteerde in een carrièremove. Van kok naar uitsmijter lag toch niet zo heel ver uiteen. De arbeidsvoorwaarden logen er niet om.
Goed loon, een flinke zak fooi, gratis drank en regelmatig een frivool vrouwtje, voor wie een wilde nacht met zo’n alfaman een uitdaging was.
 
Het leven lachte Joop toe. Het kon niet op, hij leefde in weelde.
Geen vuiltje aan de lucht totdat donkere wolken samenpakten.
Wat niemand was gelukt, lukte ‘Cor’. Hij werkte iedereen de tent uit. Van de éne op de andere dag lag de hele horeca plat. Voor nachtzaken brak voorlopig helemaal geen nieuwe dag meer aan. Wrong time wrong place zeg maar ff.
Door Joops grootvoetig leven veranderde zijn poel met het slijk der aarde snel in een dorre droge Sahel rivierbedding, het geld was op.
 
Nou was hij niet het type steuntrekker, dus weer een carrièremove, hoewel, hij stond toch gewoon weer aan de deur. 
Niet zo spannend als bij die nachttent, maar het ging en hij had werk.
Mensen er in en er uit laten, de weg wijzen en in laten tekenen.
Hier werd ook wel wat gedronken, maar men was zelden vervelend.
Neen zo kon Joop honderd worden, nooit meer terug naar de horeca.
Deze zaak liep top, aan klandizie geen gebrek, zeker de laatste tijd. Alleen zijn hand op houden voor de fooi kon hij moeilijk onderdrukken.
 
Maar ja, dat kon je bij een uitvaartcentrum ook echt niet maken toch?
 
Tekst: Mink Out. Bundel nu verkrijgbaar: www.conckshop.nl
 
 
 
 
 
 
1888 The ballroom at Arles. Vincent van Gogh.

Tot op de bodem.           Minks wekelijkse column 26-5-2021

Tot op de bodem.           Minks wekelijkse column 26-5-2021

 

De ruis van felle, ontelbare regendruppels deed me denken aan menige mislukte KonDag voor de deur van het café.

Ben met die Oranje-verering gekapt vanwege het financieel risico, in de hand gewerkt door een onbetrouwbare partner: het weer.

Iedereen vierde feest, behalve ik. Ik maakte me druk over het geld, of we het benodigde bedrag wel zouden halen om uit de kosten te komen.

Alleen vielen deze felle druppels vandaag. Mochten we eindelijk open heb je drie weken achter elkaar -uniek voor deze tijd- baggerweer.

 

We zouden om 13.00 uur open gaan met het terras, het werd 15.00 uur.

Het had gewoonweg geen zin en we werden er ook niet echt vrolijk van.

Buiten mocht men zitten maar kreeg je een nat pak. Binnen zat men droog maar als je daar voor gepakt werd ging je wellicht nog natter.

Ik had gedacht dat de grootste strijd geleverd was na het prikkie.

Maar nu de maatregelen druppelsgewijs teruggedraaid worden, dondert de regen met bakken uit donkere wolken die net leken op te lossen.

 

Cor heeft een mooi tikkie uitgedeeld, maar we zijn op de goede weg.

Dacht de schreeuwende, immer opengesperde, hongerige vogelsnavels die nestelen in mijn lege schatkist weer te kunnen voeden, maar neen. Of de duivel er mee speelt pokkenweer, die beker tot op de bodem leeg? Oké, maar hoe diep is die beker nou eigenlijk? Dat wil ik weten.

Ik durf er niet te diep in te kijken. Als je ff niet oplet tuimel je er voorover in en ga je kopje onder in de verterende gal die nog rest.

 

Neen, we drinken hem tot de laatste ‘droppel’ leeg, nog een paar dagen. Dan krijgen we na het zuur het zoet, waar we met smacht naar snakken.

In de wandelgangen voorspelt men dat mijn onbetrouwbare partner genoeg heeft van zijn buien en een meer zonnige kant zal tonen.

 

Volk van Nederland hang de vlaggen uit, de bevrijding is aanstaande:-). Kom dan met grote getalen naar de terrassen, hef de kelken en drink ze tot op de bodem leeg. We hebben het nodig en verdiend, jullie en ik.

 

 

Tekst: Mink Out.                   Bundel nu verkrijgbaar: www.conckshop.nl

Ca. 1885 End of the Season. William Merritt Chase (1849-1916, New York).

Ff geen genoeg (verb). Minks wekelijkse column 19-5-2021

Ff geen genoeg (verb). Minks wekelijkse column 19-5-2021
 
 
 
 
Vanaf mijn zondagavondwerk bij thuiskomst ff geen genoeg. Ik verlang nog naar mensen. Wil nog niet alleen zijn. Nachtbrakend verzeil ik in een obscure nachttent in de krochten van het Haagse centrum.
Ik kom altijd binnen, zie er wat grof uit, maar ben immer hoffelijk, dus de portier vreest mij niet. 5 euro fooi helpt ook een handje.
 
 
 
De livemuziek in deze enkele open zaak leert mij dat Den Haag stuiptrekt van het leven. Het enige dat bruist is het schuim op de lippen van deze afstervende, doordeweekse, stap-stad.
De lichtkegels onder de barlampen zijn door vette sigarettenrook duidelijk te onderscheiden.
De jongens van het gelegenheidsbandje nemen hun experimentele muziek als enige bloedserieus. Hun prachtige vriendinnen doen alsof.
Ze bewegen hun sexy lichamen mee terwijl ze, met hun mobieltje, ook nog ergens anders zijn. Verder lult iedereen gewoon door.
Bruine mannen met rastahaar lachen luid met elkaar en anderen.
Ik zie wat bekenden: Freek Taxi en Rob Nikon. In hun gezelschap een voor mij onbekende, tanige, jenever klokkende, man. Deze heeft het hoogste woord en schuift me meteen een omkoopbiertje in de hand.
 
 
 
Plots zet onze borrelman agressief de borst op. Zijn onverwerkte gevoelens zoeken blijkbaar een uitweg. De portier sust de boel, hij (de tanige man) mag blijven en bindt schoorvoetend in.
De sluitingstijd wordt subiet verkort, met de experimentalia’s als lijdende slachtoffers.
De tanige man is chef-kok in een niet nader te noemen restaurant.
Zo iemand staat in een keuken te koken voor mensen die vinden, dat ze rücksichtsloos mogen vinden, wat ze er van vonden.
Niet zo gek dat kokkermans regelmatig over-kookt van woede?
Een man met onberispelijke kleding gaat geforceerd berustend weg terwijl zijn veel te jonge roodharige vriendin tongend met zo’n rastagozer, nog even blijft plakken.
Later dan meteen, maar vroeger dan normaal, waggelen we de tent uit. Ieder zijns weegs. Thuis stinken mijn kleren naar rook, ben ik voldaan en best wel blij dat ik nog ff geen genoeg had.
 
 
 
 
Tekst: Mink Out. Bundel nu leverbaar: www.conckshop.nl
1880 Nachtelijke stad met Gasthaus. Marianne von Werefkin.

Café Den Hout 1948. Minks wekelijkse column 12-5-2021

Café Den Hout 1948. Minks wekelijkse column 12-5-2021
 
 
Een kwartet keurige heren speelden stemmige muziek zonder vocalen. Met neutrale gezichten vermeden zij de boventoon die slechts aan de clientèle was voorbehouden.
 
Hier verpoosde goed volk. Zij die fout waren zaten achter slot en grendel, in een nieuwe heimat, of hoopten de dans te kunnen ontspringen.
Lange jassen, dassen en gleufhoeden bedolven kreunende kapstokken.
Palmen en tabaksplanten, een laatste strohalm van een omvallend Indië.
Rook en geroezemoes vulden deze caféruimte aan de Bezuidenhoutseweg.
Geld was duur, er werd genipt. Voor een uitverkorene koffie met gebak.
 
Gesprekken betreffend de oprichting van een EEG of Israël. Geroddel aangaande de bruiloft van Jo en Joop of de bezwangerde slagersdochter.
De jongeman eenzaam aan het tafeltje bij de piano voelt zich belazerd.
Half tien, ze hadden om acht uur afgesproken, zou ze toch met die Klaas?
Nog eentje dan, misschien was er iets loos en kwam ze alsnog.
 
Zij zit alleen, niet onaardig om te zien, het glaasje voor haar is al een poosje leeg. De ober heeft haar al meerdere malen vragend aangestaard.
Blut, ze wachtte op een gratis drankje van deze of gene geïnteresseerde.
Ze moesten toch eten. Een kind van een Canadees die plots verdween. Regelmatig trok ze uit dit grand café wel een klantje mee.
De violist ving haar blik en knikte naar de twee mannen naast haar.
Ze draaide zich ietwat en keek, quasi hautain, vluchtig in hun richting. Haar betoverende aantrekkingskracht deed de rest, ze had beet.
 
Of ‘mefroi’ iets van de twee heren beliefde te drinken informeerde de ober plechtig met een lichte buiging. Een besje kon ze nog wel hebben.
Ze proostte op afstand en al gauw zaten de twee aan haar tafeltje en werd het wel heel erg gezellig.
Zij wist wel een plekje waar ze verder konden. De heren stonden er op om voor haar te betalen, voor de drankjes welteverstaan………….
Ze liepen gedrieën giechelend naar het centrum, langs wat er over was van de plat gebombardeerde panden aan de Koninginnegracht.
 
Als je zo’n oude foto van het Haagse Café Den Hout uit 1948 ziet sta je toch niet stil bij wat er binnen zo speelde en hoe het er buiten bij lag.
 
Tekst: Mink Out. Bundel nu verkrijgbaar: www.conckshop.nl
1948 Bezuidenhoutseweg 11-13, interieur Hotel Den Hout (bron: Haagse Beeldbank, fotograaf onbekend).

Uitzicht(loos). Minks wekelijkse column 5-5-2021

Uitzicht(loos). Minks wekelijkse column 5-5-2021
 
 
 
 
 
Vanuit mijn caféramen was het uitzicht ooit fenomenaal. Bij helder weer keek je helemaal tot aan oud Rijswijk.
Aan deze luxe kwam subiet een eind omdat Eneco pal
voor het terras zo nodig een stroomverdeelstation neer moest zetten.
Bij de toenmalige cafébaas werd toestemming verkregen, onder de belofte dat het huisje niet hoger zou worden dan de brug.
Voor hem geen probleem, je keek er dan toch ruimschoot overheen.
Een grote vergissing. Toen de metselaar de geveinsde hoogte had bereikt ging hij onverstoord verder totdat het uitzicht verdwenen was. De instinker was de brugleuning die ‘logischerwijs’ óók nog ff meetelde.
Rechtszaken zat, maar na 50 jaar staat het pandje nog als een huis.
 
 
 
 
 
Ik, de huidige uitbater, vind het eeuwig zonde en misdadig, maar het was voor mijn tijd dus wie ben ik dan om erover te klagen.
Tis ook een mooie plek voor de kerstboom en de KonDag-band dus alla.
Wel is het huisje een geliefde dumpplek voor gestolen tweewielers.
Om ons uitzicht niet te bederven houdt lompen- en metalenhandelaar IJzeren Hein, op mijn afroep, de boel een beetje bij.
Laatst weer, een geparkeerde, aftandse, groene crossmotor, waarbij meters ducktape het zich aandienende verval probeerde te rekken.
Ik had er nog geen mens op- of af zien stappen, maar omdat het wrak bij tijd en wijle weg was leek het stalen ros me overduidelijk in gebruik.
Zodoende kon ik moeilijk IJzeren Hein bellen om in te grijpen.
Ergernis, totdat hij plots wegbleef, zeker een ander plekkie gevonden.
 
 
 
 
 
Gister zag ik twee bedremmelde mensen drentelend de plek minutieus afspeuren. “Wat verloren?” riep ik hulpvaardig op hen aflopend.
Ze keken me kat-uit-de-bomerig aan. Het mannetjesmens antwoordde wantrouwig: “Ze hebben mijn motor gestolen”. “Die met dat ducktape bedoel je?” vroeg ik met meewarig gezicht. Hij liet me een stukje ijzer zien. “Dit is over, een stuk van mijn stuurslot, lag op de grond”.
“Wel waardeloos zeg, hoop echt dat je hem nog zult vinden, succes”. Toen ik wegliep drong een jubelend gevoel zich aan mijn lichaam op.
Voor hen was het natuurlijk wel erg lullig. Had echt met ze te doen. Maar voorlopig kon ik weer genieten van mijn uitzichtloos uitzicht.
 
 
 
 
 
Tekst: Mink Out. Bundel verkrijgbaar: www.conckshop.nl
 
 
 
 
*1920-21 Houses. Chaïm Soutine.