De rit uitzitten. Minks wekelijkse column 18-3-2020


Doorleven 2 (slot). Minks wekelijkse column 11-3-2020
Niet dat Jacques (Sjaak) het kon helpen maar door zijn ter aarde storten was de sfeer wel in één -harde- klap verdwenen.
Er zat geen leven meer in, in hem niet en in het feest niet.
Tot grote opluchting van de EHBO gecertificeerde ober was er een bekende dokter in de zaal die zich over het slachtoffer boog.
Hij was lijkbleek en ogenschijnlijk morsdood, de pols werd gepolst, de gelegenheidsarts schudde haar hoofd, het eerder op die avond zo stoere damessjaaltje rond zijn hals ging af, schoenen uit, een teen stak door een gat in de sok zijn kop op, de ambulance was onderweg.
Marilyn liep ontgoocheld in het rond, bezorgt over een bijna zeker aanstormend weduwschap totdat Gerrit haar op een stoel zette en met ‘begripvol’ strelen en troosten probeerde toe te slaan.
Naarmate de wachttijd voor de ambulance verstreek begon de bedrukte sfeer vreemd genoeg te wennen, de feestgangers legde zich bij de situatie neer, zelfs een zacht, stemmig muziekje ging op.
Sjaak vocht voor zijn leven, zo ook tante Jo die ongestoord haar 6e satéstok en vierde gevulde eitje naar binnen werkte, Johan bestelde doodgemoedelijk doch met gedempte stem zijn zoveelste bacootje.
Enkele partypoopers lieten het slachtoffer voor wat hij was om hun tram te halen, ja het leven gaat door hoewel, voor Sjaak???
Het onzeker gejengel van een naderende ambulance zwol aan totdat deze oorverdovend voor het pand tot stilstand kwam.
Na een haag van nieuwsgierigen schoof men Sjaak de wagen in.
t’ Was lang wachten, de binnenverlichting werd gedoofd waarna het voertuig zich stapvoets in beweging zette, hij zou toch niet????
Marilyn greep naar haar voorhoofd en slaakte een ijzige gil.
Toen de wagen uit het zicht gleed verscheen Sjaak er achter vandaan en stak over. Binnengekomen maakte hij excuses voor zijn spelbederf en vloog Marilyn hem zo onstuimig in de armen dat Gerrits (strelende) handen en (vrijers) voeten acuut gebonden waren.
Het feest duurde tot in de kleine uurtjes, Sjaak was door Magere Hein’ s knokige vingers geglipt en voordat zeismans nog eens langs kwam werd er door geleefd of het leven ervan af hing.
Tekst: Mink Out. Binnenkort de bundel. Meer: www.conck.nl



1921 The Sleeping Beauty. John Collier.
Maartje. Minks wekelijkse column 19-2-2020
Nou, ik heb er weer één gehoord, op de radio in de nacht, zo’n uitwas van: pas op je woorden of je kop gaat er af.
Voor je het beseft ben je een racist, dierenbeul, seksist of een andere kluns met een catchy nega-naam.
Het ging over een beller die: ”leuk vrouw-tje” zou hebben gezegd. Meteen een andere wakkerligger aan de lijn die nóg meer wakker lag door dat ‘tje’, het was denigrerend en niet meer van deze tijd.
‘t Zou zo maar kunnen, eenieder praat zoals hij gewoon is, oudere aardbewoners liggen daar volgens mij niet zo van wakker.
Het verhaal had per ongeluk nog wel een onbedoeld (kwispel)staartje waar ik later in bed nog om moest gniffelen, de (aan)klagende beller en ‘tje’ hater heette Maar-tjeJ, zoiets verzin je toch niet.
De interviewer deed er nog ff een schep bovenop omdat hij vond dat dít het onderwerp van de nacht moest worden en zo was de ‘tje’ mug verworden tot een olifant met geenszins een lange snuit.
Gaf dan wel weer aan dat het gidsvermelde onderwerp ook niks was.
En zo gaat het maar al te vaak, de media hebben honger, willen eten en verheffen minieme zaken tot verpletterende wereldproblemen.
Een gesprek voeren als lopen over glibberige stenen in een rivierbedding, bang voor een doodssmakker, daar hebben we niks aan.
Dat dooft het vuur in een goede dialoog, wil men elkaar bereiken, praat dan zoals je gebekt bent, dan duurt het ook niet zo lang voor de andere oever bereikt is, met of zonder uitglijders.
Je leert accepteren en niet hoe iemand te veranderen naar iets dat jij zo nodig belangrijk vindt, dat wordt zo een nare maatschappij.
Directe gesprekken zoals ooit in een benauwde bouwerijkeet waar pronte tietenposters op wanden prijkten, waar broodtrommel en thermosfles geleegd werden in een geur van zweet en zware shag, waar scheet en boer met geveinsd ontzag werden verwelkomt….
Het kan niet meer, die tijd is weg gezeurd, zo af en toe verlang ik ernaar terug met een beetje……weetje uuhhhhh, ach laat Maar-tje.
Tekst: Mink Out. Binnenkort de bundel. Meer: www.conck.nl

Bejaarde Trees. Minks wekelijkse column 12-2-2020
Door mijn afwijkende leef-slaappatroon heb ik tijdens mijn dagrust oordoppen in om de buitenspelende kinderen van het schooltje achter- en de dagelijks bandoppompende buurman vóór mijn huis niet te horen.
Laatst raakte de slaap mijn afgeknoedeld persoontje als een mokerslag, de knock-outfase ging in zonder dat ik er erg in had.
Plots schrok ik wakker, oordoppen als een kostbaar kleinnood in mijn vuist geklemd, door langgerekt, klagelijk miauwen van een vreemde kat in huis.
Poes Truus rekte zich behaagziek uit en maakte zich er niet druk om, vreemd gedrag voor deze normaal zo kortlonterige straatvechtster.
Spring uit bed, loop naar mijn kantoortje waar het kattengejank vandaan komt en daar boven op de kast mijn eigenste Trees, raar miauwend en als een kat in een vreemd pakhuis om zich heen kijkend.
Ik schrok me rot, het leek onze Trees helemaal niet meer, normaal ligt ze samen met Truus op mijn bed, dat gebeurde al een paar dagen niet meer, wat mij daarentegen wel veel meer rust oplevert.
Ze is duidelijk in paniek, pak haar in mijn armen, druk haar troostend tegen mijn gezicht en neem haar mee naar de slaapkamer waar ze graag onder de dekens tegen me aan ligt. Dit keer niet, ze zondert zich weer af in het kantoortje onder luid gejeremieer, dan maar weer oordoppen in.
Ze is ook ineens doof, normaal klom ze bij het openritsen van het blik zowat langs mijn been omhoog, maar ze blijft gewoon op de kast liggen – nu met dekentje – ik moet haar bij het bord eten neerzetten terwijl Truus zich al a-sociaal ligt vol te proppen.
Waarschuwen als ze haar nagels aan het verkeerde object scherpt heeft ook geen zin meer, ze gaat ongestoord verder totdat ik haar aantik.
Mandje: Guliver de luxe, een spuitje … met medicijn voor een eventuele ontsteking, worsteling om het bekje te openen en nu u er toch bent even een ontwormingskuurtje voor Trees die alleen maar dikker wordt?????
Volgende week terug komen, honderd euro, fijne dag nog.
Heb het graag voor haar over maar tis toch wat zo’n bejaarde kat.
Wel stofzuigen zonder dat ze wegrent…. elk nadeel heeft zijn voordeel;-).

1900 Woman with cat. Pablo Picasso.

1906 The Letter. Pierre Bonnard.

Slaapverwekkend. Minks wekelijkse column 22-1-2020
Ik slaap slecht, nou heb ik dat wel vaker, zo één keer per jaar, een periode van een week of twee, dat is te verdragen.
Dit keer houdt het al een maand aan, word je niet vrolijk van. De mensen aan de bar kijken regelmatig in mijn wijd opengesperde geeuwbek hetgeen niet noopt naar een langdurig verblijfL.
Ook het dag/nachtritme sluit niet meer aan bij mijn dagelijks doen en laten, loop de godganse dag met zo’n weeïg gevoel, in een roes op kussentjes.
‘Men’ zegt dat ik te veel aan mijn hoofd heb, lijkt me sterk, om dit kopstukJ boven water te houden heb ik de laatste 25 jaar constant zat aan mijn hoofd, misschien ietsjes drukker maar toch.
Tis wel zo dat de verbouwing, nu bijna klaar, wel meer geprakkiseer geeft, lig in mijn bed de boel nog te overpeinzen.
Ik begin met een geforceerd gevoel van zen maar als de grenzen van droomland voor mij gesloten blijven gaat het denkcarrousel draaien.
Mijn bed lijkt in de verste verte niet meer op die vriendin die me koestert en verlost van de dagelijkse beslommeringen.
Bij het benaderen van deze zo vertrouwde slaapplaats begint een sluimerend angstgevoel de poten onder mijn bed vandaan te zagen.
Mijn bed, rustgevende ankerplaats, verworden tot mijn grootste vijand, zadelt me op met een hardnekkige, wakker houdende vrees.
Onder mijn dekbed maakt de weldaad van een in het verschiet liggende rustperiode plaats voor een nerveus ping pong gevoel van doet tie het of doet tie het niet (die slaap dan).
De hoofdprijs is dat de slaap helemaal niet wordt gevat, troostprijs is een knock-out door uitputting en na vier uurtjes weer klaarwakker.
Draaikonterijen en dekbedworstelingen zijn het gevolg totdat, na het opgeven der moed, een wanhopige strompelgang richting Nepspressoapparaat troost moet bieden.
In een poging, om ten koste van jullie leesplezier, het van mij af te schrijven hoop dat dit in- en uit de veren verhaal slaapverwekkend genoeg was, kan ik daar in ieder geval niet meer door wakker liggen.
Tekst: Mink Out. Binnenkort de bundel. Meer: www.conck.nl

Frank Frankrijk. Minks wekelijkse column 15-1-2020
Frank, in de omgang een super sociale man, uit het niets was hij daar en behoorde al snel tot de innercircle der bezoekers.
Hij trok wel altijd zijn eigen plan en dat mag ook.
Gesprekken met hem gingen ergens over, intelligente gozer maar ook bij een koetjes- en kalfjesverhaal loeide hij moeiteloos mee.
Goede baan, lekker huis, parttime relaties, altijd strak in het pak. Maar toch verstikte dit Randstadleven hem, hij wilde er vanaf, iets in de natuur met kabbelende rust, het echte leven.
En zo gebeurde, met wijn zaten we na het sluiten van de kroeg in zijn lege huis om de hoek, morgen zou hij richting Frankrijk gaan.
Het had iets droevigs, (daar komt dat prachtige woord) iets melancholieks, dat afscheid, stemmen galmden door het lege pand, lichte plekken op de wand als stille getuigden van wat ooit was.
Alleen de hometrainer stond er nog, zo’n fiets die je ondanks hard trappen nergens brengt, of ík hem wilde, neen das niks voor mij.
We dronken er één…… en nog een paar en toastte op zijn nieuwe stap: Een camping in de Auvergne boven op een berg, echt topJ.
We hoorde niets meer, zo was Frank nou eenmaal, als je dat weet maakt het weinig uit hé, nietwaar? Zoek ik hem op, mooie bestemming.
Met een gebruind hoofd in T-shirt, korte broek en slippers, trof ik hem aan. Zat op zijn gemak appels te schillen in een schommelstoel.
Op de gevel achter hem flitsten hagedisjes tussen grof steenwerk, de verzengende hitte leek de druk tjirpende krekels niet te deren.
Zo was Frank Frankrijk in zijn element, hier had hij het voor gedaan.
“Heeeeeeee Mink, nog steeds met die nep-Harley, aardig ritje zeker”.
Gastheer pursang, eten, drinken en een plaats om de vermoeide reiziger rust te geven, heerlijk, dit aards paradijs.
Plots was hij weg, de camping verkocht, wist ik, hij had het verteld, jammer, maar na 15 jaar was hij ook hier klaar mee, kan gebeuren.
Hij ging niet meer terug naar Nederland, woont wellicht ergens in de Auvergne, nooit meer wat gehoord, zal hem ooit nog weleens zien.
Ach, zo is Frank Frankrijk nou eenmaal, als je dat weet maakt het weinig uit hé, ieder zijn ding nietwaar, ?????
Tekst: Mink Out. Binnenkort de bundel.
