Café de Conckelaer is met kerst en nieuwjaarsdag gesloten… En we zijn van 1 jan tot 16 jan op vakantie… Vrijdag 16 januari zijn wij en de tap weer open… Wij wensen jullie allemaal hele fijne kerstdagen, een gezellige jaarwisseling en gelukkig 2026…

Auteur Archief

(Ven)ster van Bethlehem. Minks wekelijkse column 10-6-2014

(Ven)ster van Bethlehem. Minks wekelijkse column 10-6-2014 In de jaren 60 werden er, in Denhaag, al volop fietsen gepikt, dus als mijn moeder haar stekelkoppies mee de stad in nam, om de kinderbijslag er doorheen te ‘jassen’, ging haar stalen ros voor beperkte tijd de fietsenstalling in. Deze bewaarplaats, met zijn houten fietsenrekken, zat op de hoek van de Raamstraat en de Grote Marktstraat. “So far, so good” zult u zeggen: “Klopt”, is mijn antwoord, totdat de ‘fietsenstaller’ te voorschijn kwam. Hij was een oude man met een gezicht vol wratten. De toen nog Jonge Neel (mijn moeder) drukte ons, kleine flapuiten, op het hart de mond dicht te houden en niet te lachen. Nou, ik kan u verzekeren: als deze, niet te benijden, man zijn hoofd uit de bedompte duisternis van zijn fietspakhuis stak, verging het lachen je vanzelf. En met een mond vol tanden, stonden deze twee Haagse schoffies ook niet echt te trappelen om een optreden te doen als het duo; De Oralia’s. Vanuit een misplaatst rond venster, boven in de blinde muur, scheen een lichtstraal, door deze met zware shag en stof bezwangerde duisternis. Een soort (ven)ster van Bethlehem tafereel. Op een vreemde 1e Pinksternacht, lekker met een maat van mij op stap, “Hit the town”, zeg maar ff, veel gezelligheid en buiten roken. Op zo’n avond hebben we nooit genoeg, dus nog ff een deurtje verder. Bevriende beroepsstappers (Tom & Tom) wijzen ons de weg langs immer veranderende locaties der nacht-horeca. Ietwat zwalkend, (zoveel hadden we toch niet op?) bereikte we dit nieuwe ‘pakhuis’. Het vertier spat er af; drinkende dansers, zingende zoeners, lavende lachers of een combinatie hiervan. Ik krijg het idee dat ik me bevind in de moderne versie van een Jan Steen schilderij. Het kan dus blijkbaar nog, in Denhaag, alle culturen aanwezig en geen onvertogen woord; “My kind of town Denhaag is”. In een prettige roes gaat mijn blik in deze ruimte omhoog en volgt de zware houten balken tot in de stenen muur, met daarin een misplaatst rond venster. Een schok van herkenning! Dit was dezelfde ruimte als vijftig jaar geleden bij de onfortuinlijke wratman. Deze nacht, ontwaar ik een hemelsbreed verschil in tijd en gebeuren, een soort van openbaring belicht door dit Haags (ven)ster van Bethlehem. Tekstverantwoording: Mink Out.

Lees verder

Hij die niet bestaat. Minks wekelijkse column 4-6-2014.

Hij die niet bestaat. Minks wekelijkse column 4-6-2014. In een god geloven doe ik niet, de moeite van scholen, tehuizen en zomerkampen ten spijt. Zelfs de bijbelse stempeltjes en de prachtige glitter plakplaatjes in mijn schriftje van de zondagsschool bleken, achteraf, paarlen voor de zwijnen. Vroeger zat ik nog wel eens, voor het slapen gaan, op mijn knietjes met gevouwen handjes en gesloten oogjes een gebedje te zingen. Op school geleerd; mijn moeder vond dit devote gedrag alleen maar schattig, meer ook niet. Ze vertelde dit intiem ritueel aan een ieder die het, wel of niet, wilde horen, hetgeen mijn ontluikend macho-gevoel niet ten goede kwam. Maandagmorgen, tijdens de derde klas periode (groep 5 voor de wat nieuwere mensen onder ons), verplicht een psalmversje uit het hoofd op zeggen. Voor een toen al, vergeetachtig Minkie Out werd “de dag des Heere” niet echt een rustdag, zult u op de klompen aanvoelen. Na een zorgvuldige overleg met mijzelf kwam ik tot de conclusie dat het, bij nader inzien, toch niks voor mij was, zo’n godsdienst. Geloof in wat je wil, geen probleem, maar accepteer ook, dat ik er niet aan mee doe. Ondanks mijn ‘heidense’ inslag, heb ik regelmatig het idee, dat er iemand aan de touwtjes trekt, zeker in deze financieel slechtere tijden. Net of er een figuur is, die neemt en geeft. Zo, komt de bodem van mijn schatkist in zicht, vrees ik barre tijden, en net op tijd wordt me weer een kluifje toegegooid om door te gaan. Als ik dan ‘s-nachts in bed lig, praat ik denkbeeldig met hem, die niet bestaat. Dan zeg ik zoiets van: “Mocht je dan toch bestaan, wat natuurlijk niet zo is, dan mag je best wel wat meer gas geven, die rem heeft er nu wel lang genoeg op gezeten”. Het is alsof ik een soort van marionet ben; trekt hij, die niet bestaat, aan het touwtje, dan is het gewoon bewegen, geen gelul. En ik? Ik kijk angstig omhoog met de zweetdruppels op mijn voorhoofd, “Kan dat niet wat makkelijker” roep ik, naar boven. Maar hij hoort niks, want hij bestaat niet. Regelmatig geef ik, wat meer, voor een goed doel, ook als het me slecht gaat. Dit doe ik niet als een soort van aflaat maar gewoon omdat ik probeer aan mijn medemens te denken. Ik vermoed als hij, die niet bestaat, mij bij die gouden poort ziet rondhangen, over zijn baard en hart strijkt en zal zeggen: “Die Mink is eigenlijk wel een redelijk fijn gozertje, die de toegang weigeren, dat bestaat toch niet”. Tekstverantwoording: Mink Out.

Lees verder

Koffer in Berlin. Minks wekelijkse column 28-5-2014

Koffer in Berlin. Minks wekelijkse column 28-5-2014 De Berlijnse afdeling van de Duitse SPD, zeg maar: Partei fur die Arbeid (op zijn Duits uitgesproken, toch altijd nog een beetje eng) heeft een geniaal idee gelanceerd. Volgens hun feministische tak, zal ‘a giant step for mankind’ worden gezet als de voetgangerslicht-mannetjes, deels worden vervangen door, jawel, vrouwtjes. Neen, de Berlijnse feministes staan hun vrouwtje, alleen maar mannen op de stoplichten zou het seksisme niet doen afnemen en de suprematie van de man onnodig benadrukken. Ook hier moet de vrouw haar intrede doen. Nooit bij ‘stil gestaan’ dat wij een ‘loop-je’ nemen met het feminisme, doordat er poppetjes met of zonder lange broek op stoplichten voor voetvolk zijn afgebeeld. Naar mijn idee zijn deze silhouetten bedoelt om, zo duidelijk mogelijk, het visuele, gaan en staan signaal af te geven. Een vrouw in minirok dan? Neen, meteen weer klaar, té seksistisch. Daarentegen zou een vintage maxi-outfit redelijk wat onduidelijkheid scheppen, en hier en daar ook wat voetgangers. Wellicht iets aan de vorm van de poppetjes veranderen, smallere taille of weelderige borsten; tja ik hoor u al zeggen: “Te lustobjecties en stigmatiserend”. De integratie van de vrouw als stoplicht-icoon wordt een lastig verhaal vrees ik. Doe waar je goed in ben; mannen de plaatjes, vrouwen de praatjes. Mijn idee; bij ieder stoplicht een zwoele, lage Marlene Dietrich stem: “Komst du mal” of “Warten zie bitte ein bit”. En bij de extreem drukke zebra’s de stem van directrice Angela Merkel: “LAUFEN” en “STEHN BLEIBEN” Komende 9 november is het 25 jaar geleden dat de Berlijnse muur viel, vond ik, een belangrijke gebeurtenis in de moderne geschiedenis. En nu; mannetjes of vrouwtjes-stoplichten als klap op de vuurpijl voor het zilver, democratisch huwelijk tussen oost en west….. pfffffffffff. Om nog heel even op Marlene Dietrich terug te komen, met het nostalgisch heimweh-lied: ”Ich hab noch einen Koffer in Berlin” nou, laat maar staan! Misschien ff luisteren ”Ich hab noch einen Koffer in Berlin” erg mooi WO 2. Tekstverantwoording: Mink Out.

Lees verder

Oude grond. Minks wekelijkse column 21-5-2014

Oude grond. Minks wekelijkse column 21-5-2014 Mijn hang naar het verleden is groot, je kan het nieuwsgierigheid noemen. Wat was hier vroeger, wie woonde er, waar zocht men vertier, het houd me bezig. Leergierig? Met grote regelmaat slurp ik gulzig allerlei kennis mijn onverzadigbare hersenpan in. Het internet veranderde mijn informatie vergaring, helemaal, in een ordinaire graaicultuur. En sinds kort, hoef ik het niet eens meer te zoeken; ze reiken het me aan; de diverse foto-pagina’s op Facebook. Aanreiken is nog mild uitgedrukt, het lijkt soms meer op volproppen. En ik, ik doe gewillig mijn mond open en laat me volproppen, hoe meer, hoe beter. Zat leden, dus aanbod genoeg. Wat dacht u van kasteel de Binckhorst waar volgens overlevering de begrafenisboot van prins Maurits in 1625 voorbij voer. “Afgezet met zwarte draperiën, vervolgde het vaartuig zijn route naar Delft”. Zonder te hoeven zoeken, wordt dit opmerkelijk feit bij mij naar binnen gegoten. De geschiedenis van de Haagse koninginnen kermis, al vanaf 1394. Vrijmarkt, kermis en, als spetterend hoogtepunt, een spectaculaire executie op het groene zootje (Plaats). Vanuit de wijde omtrek was dit gezellig dagje, in Die Haghe, iets waar men een heel jaar lang, reikhalzend naar uitkeek, met uitzondering van de veroordeelde, lijkt me. En zo besef ik me steeds meer dat de oude grond waarop wij lopen niet de onze is. En dat alles wat staat, slechts tijdsbakens zijn voor de huidige bepotelaars. Over honderd jaar zullen anderen weer jeremiëren dat ze dit of dat ooit hebben afgebroken. Een laatste houvast van het geborgen gevoel van toen ze nog zorgeloos kind waren. Waar ooit Mozart, van Gogh, Spinoza en Constantijn Huygens zich ophielden, lopen wij nu, voor mij een vreemd idee. Ook zij zaten in café en schouwburg, ook zij liepen langs het strand, alles was in kleur, vogels zongen en de zon scheen. Waar de beroemde Romeinse veldheer Corbulo ooit met zijn paard en goudbeslag over het veld snelde staat nu het Voorburgs filiaal van Mac Donalds, fastfood aan de man en de vrouw brengen, wat een tegenstelling. Terwijl ze de versletenen verzwelgt, doet ze er het zwijgen toe. Geduldig wachtend op nieuwe. Deze oude grond, waar heden en verleden elkaar, zo zeer, missen. Meld je aan op Facebook; Foto’s van Voorburg en/of Foto’s van Oud Denhaag. Tekstverantwoording: Mink Out.

Lees verder

We mogen niet vergeten. Minks wekelijkse column 13-5-2014

We mogen niet vergeten. Minks wekelijkse column 13-5-2014 Anne Frank in het theater; met of zonder Champagne arrangement bij de voorstelling. Eén kiezelsteentje in het heilige water van het Anne Frank-meer, en weldra overspoelen tsunami-hoge golven de oevers. Lang duurt het voordat de commotie wegebt. Levert heel wat free publicity op, maar dit terzijde. “We mogen nooit vergeten”, daar heb ik wel wat mee, het was natuurlijk schofterig dat de joden, zowat werden uitgeroeid door Adolf H. De hele wereld keek de andere kant op en achteraf was het ach en wee over dat vergassen en zo. Vluchtende Joden, op elkaar gepakt in boten, werden tijdens, en vlak na de tweede wereldoorlog, oeverloos heen en weer gemanipuleerd om te voorkomen, dat ze de kust van Palestina bereikte. In sommige gevallen werd zelfs geschoten of getorpedeerd om ze de toegang tot het “beloofde” land te onthouden. We shall not forget. Dat doet me denken aan die nieuwe drenkelingen bij Lampedusa, niemand wil ze (als ze nog leven) hebben. Er zitten veel, terecht, vluchtenden uit Syrië bij, ook bang voor gas, een dictator, de dood, en als bonus; mannen in jurken met baarden. Remember the songfestival (misplaatst grapje). De “Vrije wereld” kijkt wederom de andere kant op. Een zeemansgraf voor mensen die hun land ontvluchten, enkel om een vreedzaam leven, en een veilige school voor hun kinderen. “Wir werden das niemals vergessen”. Over veilige scholen gesproken; tweehonderd tienermeisjes zijn in Nigeria vanaf hun school ontvoerd. Ff geregeld door één of andere los geslagen Ali Baba met heel wat meer dan veertig, bebaarde, rovers. Ali zegt voor Allah te zijn, maar daar heb ik zo mijn twijfels over. Zeker als ik hoor dat hij de meisjes als slavinnen wil verkopen voor 12 Dollar, per lichaam scharrelvlees, of wellicht, ruilen tegen zijn gevangen zittende strijdmakkers. Een tot op het bot corrupte Nigeriaanse regering steekt geen vinger uit, omdat ze het druk hebben met de nieuwste Dolce Gabbana zonnebril en het in stand houden van hun speknek. Zelfs voor de bemiddeling bij een gijzeling vragen deze “Heren”geld. We zullen niet vergeten? Mooie retoriek die op iedere 5 mei moet worden afgestoft omdat we er helaas zeer weinig mee doen. En wat zal Anne dáár nu van vinden? Tekstverantwoording: Mink Out.

Lees verder

Starry night over the Rhone. Minks wekelijkse column 7-5-2014

Starry night over the Rhone. Minks wekelijkse column 7-5-2014 Na te hebben gekozen voor een flatscreen-loze slaapkamer, moest er een kale gele muur worden aangekleed. Met verjaardagsgeld, van mijn moeder, zou ik een passend schilderij kopen. De keus was snel gemaakt; “Starry night over the Rhone” van, van Gogh, een schilderij om vele nachten, zorgeloos bij in slaap te soezen. Nou heeft de moeder van dees kroegbaas, helaas, niet de munten om haar zoon het echte schilderij te geven, dus werd gekozen voor een op canvas geprinte versie van dit impressionistisch meesterwerk. Langs de kade, weerspiegelt de straatverlichting in het water, tot aan de horizon. Onder in beeld loopt een verliefd stelletje hand in hand te kuieren. Van dichtbij is het simpel. Korte, dik aangezette, bijna geplamuurde verfstreken, van licht- tot zeer donker, vertalen de nachtelijke lucht. Sterren? Kinderlijk, een bolletje met wat streepjes er omheen. De lichtreflexie van de lange rij lantaarns zijn simpele horizontale gele streepjes die, naar omlaag toe, steeds breder worden om een langzaam wegebbend effect in kabbelend water te creëren. En dan, op afstand, voltrekt zich het wonder; je ziet wat je zou zien als het echt was, fenomenaal, wat een kunstenaar die Vincent van Gogh. Ik slaak een zucht van tevredenheid als ik mijn hoofd op het kussen leg. Mijn ogen tasten het doek af, een mooi moment met mezelf. Met een duim in mijn mond, kriebel ik, met mijn gekromde wijsvinger, over mijn neus, niemand ziet het; een geborgen gevoel, zoals toen ik nog klein was. Maar volgens mij, ik weet het niet zeker, mis ik sterren, en de schoenen van de op vrijersvoeten kuierende romantische snuiter. Ik strompel het bed uit en stoot mijn kleine teen aan de achtergebleven stofzuiger. Na een reeks, niet voor herhaling vatbaar zijnde woorden, zie ik het; een deel van de afbeelding is om het frame heen geniet dus verdwijnt de buitenste rand. En welke van Gogh knies-oor ligt er wakker van een sterretje, een paar ouwe schoenen en een lantaarn, nou ik dus! Mijn; Starry night over de Rhone veranderd in een starende nacht over; wat zonde! Ik leg me er, voor vanavond, maar bij neer.

Lees verder

Hoge druk. Minks wekelijkse column 1-5-2014

Hoge druk. Minks wekelijkse column 1-5-2014 Met de hogedruk-reiniger van mijn vriend Ton, spuit ik de terrastegels schoon, een dankbaar werkje. Eentonig, dat wel, je moet met een slingeruurwerk-achtige beweging, langzaam van links naar rechts, anders blijft er vuil achter. Tijdens dit monotone werk dwalen mijn gedachten af naar KonDag (Koningsdag), ik sta op een podium, de zenuwen gieren door mijn keel; ik mag heuse artiesten aankondigen en een waar publiek toespreken. Ik loop tussen de mensenmassa door maar zie de meeste niet, nervositeit, heb ik iedere keer op deze dag, mijn hoofd draait op volle toeren. Zal de verkoop, minimaal, kosten dekkend zijn of moet er geld bij, na het afgelopen “topjaar” in de horeca, zal een tegenvaller mijn feeststemming zeker niet ten goede komen. Dan wordt ik staande gehouden door een meisjeskind met een afschuwelijk lelijk, zelf gemaakt, grabbelton/doosje. Goh, wat een prachtig doosje heb je daar, lieg ik tegen de klippen in, het kind glundert maar durft me niet aan te kijken: “Grabbelen voor 1 dubbeltje” fluistert ze. Het ziet er goor uit, krantenproppen ontnemen het zicht van de op de bodem verborgen schatten of erger nog; stroop of stront of zo. Je weet het maar nooit in deze tijd van veel mag, omwille van de zelfontplooiing en de rust van de ouders. Ik vertrouw het voor geen meter, maar geef een dubbeltje en god zegen de greep, mijn hand tussen de proppen van het NRC. Ja hoor; prijs, een plastic doolhof met zo’n balletje dat je van A naar Beter moet manipuleren in de vorm van een kerstboompje. Echt wat voor mij met die trilhandjes en je kan maar niet vroeg genoeg een kerstboom in huis hebben. “Nou daar ben ik echt blij mee” lieg ik weer dat ik barst, het kind laat een lach zien, die makkelijk een euro op had kunnen leveren, maar ja ze vroeg maar een dubbeltje. Haar grote broer van een jaar of negen staat er naast met een doos kleurige kiezelstenen en mineralen, hij pakt het grof aan: ”1 euro per stuk”. Onder druk van de omstanders neem ik er twee, de mooiste, gepolijst en al, hij werpt me een, precies gepaste, lach van € 2= toe en loopt trots met zusje weg. Het terras is schoon, KonDag voorbij, de hoge druk er af. Ik ga naar huis; Minks wekelijkse Column doen, volgend jaar weer???? Tekstverantwoording: Mink Out.

Lees verder

Het weer. Minks wekelijkse column 23-4-2014

Het weer, Minks wekelijkse column 23-4-2014 “Nou Mink, het gaat zaterdag pas om een uur of vijf regenen”, roept het bakkertje me toe, als ik mijn 2 daags pompoenbrood bij hem wil af nemen. Shit, ik wil het niet weten, hoe kan die koekenbakker nu, op het uur nauwkeurig, al zeggen dat we dan onze paraplu op moeten zetten. Normaal is het niet zo’n probleem om van te voren te weten wat de voorspellingen zijn, maar vlak voor Koningsdag (hiervoor Koninginnedag) zit ik er niet echt, of beter nog, echt niet op te wachten. Liefst doe ik oordoppen in, en loop on-onderbreek-baar (lekker verzonnen) hardop zingend van: “La la la la”, door het leven om ‘HET’ maar alsjeblieft niet per ongeluk te horen. De reden, waarom deze tijdelijke weerberichten-haat, bij mij de kop opsteekt is omdat ik tegen eind april altijd iets groots doe, buiten het betalen van mijn belastingaanslag dan. Dat “grote” waar ik op doel is het organiseren van koningsdag, die valt of staat bij de gratie van de weergoden, alles is te plannen, behalve, jawel het weer. Een uit de hand gelopen hobby die Koningsdag, het begon, zo’n twintig jaar geleden, met een wedstrijdje touwtrekken en een zangahtjúh (de neef van Koos Alberts, compleet met geluidsband die nog steeds in mijn hoofd nagalmt) voor een honderdtal neuzen. En nu? De halve straat bezet met mensen, een heus muziekprogramma met talloze bands, en voordat, 2 jaar geleden, de gemeenteleges plotseling skyhigh gingen nog geopend door de burgemeester in hoogst eigen persoon. We hebben in twintig jaar alles gehad; gure wind, slagregens, bittere koude, zonnesteken en wat al niet meer, echter tegen vooruitzichten in. Nu begrijpt u misschien mijn afkeer van weersvoorspellers en wat ze doen. Ze maken me extreem nerveus, wat niet echt bijdraagt in het zijn van een koele evenwichtige organisator. Kijk ff eerlijk; ik ben een klein nietig mensje dat op deze aardkloot wat in de rondte loopt te prutsen, en heb op het weer, helaas, geen invloed. Maar laat het in Allah’s-, Gods- of wiens naam dan ook, alsjeblieft mooi weer zijn de komende zaterdag, anders zal die bui mij nog lang heugen. P.S. Overigens vindt ik de Belgische weerman altijd het best, zo voor KonDag. Tekstverantwoording: Mink Out.

Lees verder

De jeugd van tegenwoordig. Minks wekelijkse column 16-4-2014

De jeugd van tegenwoordig. Minks wekelijkse column 16-4-2014 Van huis uit ben ik een control freak, liefst doe ik alles zelf, dan gaat het zoals ik wil. Het is bij lange na geen garantie voor succes, maar toch. Deze week, moest ik toch, helaas, het één en ander uit handen geven om te voorkomen dat mijn krappe tijdsschema uit de klauwen zou lopen. Ik belde een paar jeugdige, van tegenwoordig, en al snel was daar als eerste Tim, eigenlijk een jongensnaam maar haar ouders vonden het leuk; zo’n levenslang experiment voor deze prachtige zwaan in de dop. “Als ik nou die posters plak moet jij steeds die naam zwart verven, Tim” en daar begon ze. “Je gebruikt te veel verf”, sprak ik “alleswetend”. Ik nam de kwast over om te ontdekken dat het met minder verf niet ging. Nou ja, ahum, als je maar zo weinig mogelijk gebruikt”, brabbelde ik mijn inschattingsfout weg. Een bekkie trekken, doet ze niet, daar is ze te verlegen voor, maar in haar prachtige, diep bruine ogen dacht ik, heel ver weg, toch iets van de lamlulblik te bespeuren. Daar kwam de wat verlegen Kloris aan, nu nog, een wat dromerige slungel met een goed gevoel voor humor en een passie voor sport. Zes dagen per week trainen, hetgeen resulteert in een fenomenale conditie. Als laatste komt Mitch aan, gekleed in zo’n bluf-trainingspak loopt hij, cool als altijd, het terras op. Alle drie 18, totaal verschillend van achtergrond, opvoeding en karakter, ik hield mijn hart vast.Ik heb last van mijn rug, dus als jullie die zware borden ff achterom lopen en bij dat dak zetten, kunnen ze er dadelijk op. Je wordt oud hé daagt het bluffertje me uit, ja en jij niet tut, als je zo doorgaat”, pareer ik hem. Terwijl Tim en ik ons plak en klodderwerk op de posters vervolgen, lopen Kloris en Mitch in no time de borden naar het dakje. “Hee Mink, die Kloris heeft aardig wat conditie, we lopen in 1 keer door, was verleden jaar met jou wel ff anders”, grapt Mitch vanaf de overkant. Van trots verschijnt bij Kloris een brede maneschijn glimlach. De zon gaat onder en de kou slaat genadeloos toe. De frêle Tim zit als een dood vogeltje, met haar jas aan op een terrasstoel de zwarte strepen te zetten. “Als je niet meer kan, ga je naar huis hé, Tim. Nee ik maak het af” piept ze met een benepen stemmetje. In een mum stonden de borden compleet met verlichting op het dakje en waren de posters klaar, vol overgave geholpen door deze jeugd van tegenwoordig. Met dit soort, relatief nieuwe, mensen komen we er wel, het zijn goede aflossers, nooit aan getwijfeld. “Lekker gewerkt; Hoe is ut”. Tekstverantwoording: Mink Out. 

Lees verder

Florencia. Minks wekelijkse column 2-4-2014

Florencia. Minks wekelijkse column 2-4-2014 Zo nu en dan, voordat ik naar mijn werk ga, wip ik ff langs bij Florencia, de dorps-ijssalon van Denhaag. Een ieder komt hier; Bouwvakker Joop, kunstenaar Tjeerd, advocaat Jan-Hans, Bollenplukker Achmed en horecaondernemer Mink. De dansende Surinamer toont vol overtuiging, zijn Tai Chi-achtige bewegingen aan het terrassend publiek. Een enkel kind kijkt bang of verwonderd naar hem op, maar de mensen kennen zijn verschijning en laten hem ongestoord zijn ding doen. Een joelende schoolklas bestelt ijsjes, net zo veel smaken als kinderen. De rij wachtende, smachtende is, aan het gekwetter te oordelen, voorlopig nog niet weg, wel levendig. Broodje ei, tosti, tompoes, meluhkie en een koffie verkeerd; € 6,40, wel zelf de suiker en een houten roerstokje pakken. De schoteltjes waarop mijn ontbijt is aangereikt, maken, bij het neerzetten op de granieten vensterbank, het zo herkenbare geluid, dat mijn tweede-huiskamer-gevoel goed doet. Het mooiste bij “Floor” is rond kijken en luisteren; alle wijsheden, wereldproblemen en bijpassende oplossingen vliegen je hier, gratis en voor niets, om de oren. De zon schijnt gul, 6 senioren en 1 seniorita zitten, voor de ijssalon, gezellig met elkaar te keuvelen. De meest krasse bejaarde, aan deze ronde tafel, eet een slaatje. Zo’n, met mazzel heb je een groot schijfje ei, slaatje, u kent ze wellicht. Het oude hondje op de schoot van de tegenover zittende tafelheer is een wit pluizenbolletje met zo’n truttig jasje aan. Gebiologeerd volgt, dit aandoenlijk beestje, het kleine, plastic lepeltje, van het aluminium bakje naar de mond van Van Krassenstein. Dan kijkt hij, voor zijn doen, snel onder de tafel, blijkbaar is een gedeelte van het aardappelgerecht gevallen. Op de vertrouwde schoot van zijn baasje voelt hij zich kennelijk op z’n gemak. Hij vlijt, vertrouwt, zijn kopje neer op diens knie. Bijna soest hij dromenland binnen. Met tussenpozen trekt hij 1 oog open om te controleren of de voor hem geserveerde lekkernij er nog ligt. Tijd om te gaan, een flukse flits van het bejaard keffertje, en de beloning is, aan het kauwen te zien, binnen. Geinig beestje en een heerlijke winkel; Florencia. Tekstverantwoording: Mink Out. Meer: www.conck.nl en zaalverhuur.

Lees verder